Wat is sonde voeding eigenlijk?
Eigenlijk is sonde voeding heel simpel gezegd: het is eten via een slangetje, de sonde, rechtstreeks naar je maag of dunne darm. Normaal gesproken eet je, kauw je en slik je. Het voedsel gaat via je keel en slokdarm naar je maag. Maar soms werkt dat proces niet goed meer, of is er simpelweg te weinig energie of vocht om gezond te blijven door alleen ‘normaal’ te eten.
Wanneer slikken moeilijk of pijnlijk wordt, bijvoorbeeld door een ziekte of na een operatie, biedt de sonde een veilige en betrouwbare manier om alle nodige voedingsstoffen binnen te krijgen. Het is een manier om het lichaam te blijven voeden, zodat het kan herstellen of de conditie op peil kan houden. Dit is geen teken van falen; het is een medische ondersteuning, een hulpmiddel, net als een bril voor je ogen. Goede voeding is essentieel voor het herstel, en in sommige gevallen kan voeding bij Crohn een specifieke aanpak vereisen.
Wanneer is sonde voeding nodig?
Je vraagt je misschien af wanneer artsen en diëtisten besluiten dat dit de beste weg is. Dat is bijna altijd als er een probleem is met de inname van voldoende voeding via de mond. Dit kan komen door een verminderde eetlust, maar ook door fysieke beperkingen.
Hier zijn een paar veelvoorkomende situaties waarin je te maken kunt krijgen met de noodzaak van enterale voeding (zo noemen specialisten het voeden via een sonde):
• Problemen met kauwen of slikken (dysfagie). Denk aan na een beroerte of bij bepaalde neurologische aandoeningen.
• Ernstige ondervoeding of het risico daarop, waarbij je lichaam meer nodig heeft dan je kunt eten.
• Verhoogde energiebehoefte door bijvoorbeeld ernstige ziekte, brandwonden of een zware operatie.
• Problemen met de spijsvertering in de mond of keel, waardoor het voedsel niet veilig naar de maag kan.
Het is belangrijk te onthouden dat de keuze voor sonde voeding altijd zorgvuldig wordt gemaakt. Er wordt gekeken naar jouw persoonlijke situatie en wat het beste is voor jouw herstel of welzijn op de lange termijn.
Verschillende soorten sondes: welke krijg ik?
Als je de term ‘sonde voeding’ hoort, denk je misschien meteen aan een neussonde. Maar er zijn verschillende manieren om deze voeding toe te dienen. De keuze hangt af van hoe lang de voeding nodig is en waar het probleem precies zit.
De neus-maagsonde (NG-sonde)
Dit is de meest bekende en vaak tijdelijke oplossing. De slang gaat door je neus, langs je keel, de slokdarm in, tot in de maag. Dit is een dun, flexibel buisje. Je merkt het misschien, het kan soms kriebelen in de keel, maar het is relatief makkelijk in te brengen.
De neus-maagsonde wordt vaak gebruikt als de verwachting is dat je binnen een paar weken weer normaal kunt eten. Het is een snelle oplossing voor een tijdelijk probleem.
De PEG-sonde
Als duidelijk is dat je voor langere tijd sondevoeding nodig hebt – denk aan maanden of zelfs langer – dan kiezen artsen vaak voor een PEG-sonde. PEG staat voor Percutane Endoscopische Gastrostomie. Klinkt ingewikkeld, maar het komt hierop neer: er wordt een klein sneetje gemaakt in je buik, rechtstreeks naar de maag. De sonde wordt dan via die opening vastgezet.
Voordelen van een PEG-sonde zijn dat deze veel comfortabeler is dan een neussonde, die je de hele dag voelt zitten. Je kunt er beter mee praten en er is minder kans op beschadiging van de neus of keel.
Dunnedarmsondes (Jejunale sondes)
Soms werkt de maag niet goed mee, bijvoorbeeld als je veel moet overgeven of als de maagleegloop vertraagd is. Dan wordt de voeding direct in de dunne darm gebracht. Dit kan ook via de neus (een NJ-sonde), maar vaak wordt bij langdurige noodzaak gekozen voor een directe ingreep, waarbij de sonde via de buikwand in de dunne darm komt.
Wat zit er in die sondevoeding?
Een veelgehoorde zorg is: krijg ik wel genoeg binnen? En wat eet ik dan precies? Sondevoeding is tegenwoordig zeer geavanceerd. Het is vloeibaar en compleet. Dit betekent dat het alle bouwstoffen bevat die je lichaam nodig heeft om te functioneren: eiwitten, vetten, koolhydraten, vitamines en mineralen.
Het is geen ‘gewone’ pap; het is een speciaal samengestelde, vaak kant-en-klare, vloeibare voeding. Er zijn verschillende soorten, afhankelijk van je medische situatie:
• Standaardvoeding: Voor mensen die verder weinig problemen hebben met de spijsvertering. Dit lijkt het meest op een normale, gebalanceerde voeding.
• Ziekte-specifieke voeding: Bijvoorbeeld als je nierproblemen hebt of als je diabetespatiënt bent, zijn de samenstellingen aangepast.
• Hoogcalorische voeding: Als je heel weinig eet en snel gewicht moet aankomen, heb je voeding die veel energie per milliliter bevat.
Het is de diëtist die samen met jou en de arts de juiste soort en hoeveelheid bepaalt. Jouw energiebehoefte is namelijk heel persoonlijk. Dit zorgt ervoor dat je lichaam de brandstof krijgt die het nodig heeft om te herstellen of om op gewicht te blijven.
Hoe werkt het toedienen van de voeding?
Eenmaal de sonde in, moet de voeding er ook in. Er zijn twee hoofdmanieren om dit te doen: met een pomp of met een spuit. Dit lijkt misschien een technische handeling, maar je zult zien dat je dit na korte tijd als normaal beschouwt.
Continue toediening met een voedingspomp
Dit is vaak de meest comfortabele manier, vooral als je de hele dag door kleine beetjes voeding nodig hebt. Je sluit de zak met sondevoeding aan op een kleine, draagbare pomp. Deze pomp zorgt ervoor dat de voeding langzaam en gelijkmatig door de slang loopt, vaak gedurende 16 tot 24 uur per dag. Dit bootst een beetje het natuurlijke eten na.
Het voordeel: je kunt rondlopen, slapen en je normale bezigheden doen, terwijl je lichaam rustig de voeding opneemt.
Bolusvoeding met een spuit
Bij bolusvoeding geef je een grotere hoeveelheid voeding in één keer, een paar keer per dag. Je gebruikt hiervoor een grote injectiespuit (zonder naald natuurlijk) om de voeding door de sonde te duwen. Dit doe je bijvoorbeeld bij het ontbijt, de lunch en het avondeten, net zoals je gewend bent met vast voedsel.
Dit wordt vaker gebruikt bij mensen die al wat beter hersteld zijn of die hun voeding goed verdragen in grotere hoeveelheden. Het geeft je wat meer vrijheid, omdat je niet constant aan een pomp vastzit.
Praktische tips voor het dagelijks leven met sondevoeding
De overgang naar sondevoeding kan je leven behoorlijk veranderen. Het is logisch dat je je hierover zorgen maakt. Hoe zit het met drinken? Wat als de sonde verstopt raakt? Ik geef je een paar praktische handvatten om dit zo soepel mogelijk te maken.
Spoelen is essentieel
Dit is misschien wel de belangrijkste tip: spoelen, spoelen en nog eens spoelen. Voedingsresten kunnen in de sonde blijven plakken, waardoor deze verstopt raakt. Dat is vervelend en kan soms leiden tot onnodige medische ingrepen.
Je moet de sonde altijd naspoelen met kraanwater:
• Voor het voeden: Om te controleren of de sonde goed ligt en om de weg vrij te maken.
• Na het voeden: Om alle resten weg te spoelen.
• Minimaal 3 tot 4 keer per dag tussendoor: Zelfs als je niet voert, moet je spoelen om verstopping te voorkomen.
Gebruik hiervoor een speciale 10 ml of 20 ml spuit, gevuld met lauw kraanwater. Wees niet te voorzichtig met spoelen; liever te veel dan te weinig.
Let op hygiëne
Je werkt met voeding die rechtstreeks je lichaam in gaat. Goede hygiëne is daarom cruciaal. Was altijd je handen grondig voordat je de voeding aanraakt, de spuit gebruikt of de zak verwisselt. Werk op een schone ondergrond. Dit voorkomt dat bacteriën in de voeding of de sonde terechtkomen.
Omgaan met de sondeplek (bij een PEG)
Als je een PEG-sonde hebt, is de huid rondom het insteekplaatsje belangrijk. Houd dit gebied schoon en droog. Controleer dagelijks of de huid rood is, opgezwollen is of vocht lekt. Een klein beetje huidirritatie is soms normaal, maar aanhoudende roodheid of pijn moet je altijd melden bij je zorgteam.
Sociale momenten en voeding
Je kunt nog steeds deelnemen aan maaltijden. Je kunt gezellig aan tafel zitten met familie of vrienden. De sondevoeding hoeft niet altijd tijdens het gezelschap plaats te vinden. Je kunt het moment kiezen dat het jou het beste uitkomt. Als je bolusvoeding krijgt, kun je bijvoorbeeld je voeding eerder op de avond nemen, zodat je daarna vrij bent om gezellig koffie te drinken of een glaasje water te drinken met anderen.
Wanneer moet ik bellen?
Het is heel belangrijk dat je weet wanneer je professionele hulp moet inschakelen. Wacht niet te lang als je je zorgen maakt. Twijfel je over hoe je iets moet doen? Bel dan de verpleegkundige of de diëtist, en vergeet niet dat licht verteerbare voeding ook kan bijdragen aan een gezonde spijsvertering.
Neem direct contact op als je een van de volgende signalen merkt:
• De sonde is eruit gevallen of (deels) uit de maag of darm geschoten. Probeer dit nooit zelf terug te duwen!
• Je krijgt veel buikpijn, misselijkheid of je moet onophoudelijk overgeven. Dit kan wijzen op een verstopping of een verkeerde toediening.
• De sonde is compleet verstopt en je krijgt er met geen mogelijkheid water doorheen gespoeld.
• Je krijgt koorts of je voelt je plotseling veel zieker dan normaal.
• Er lekt veel vocht of lucht rond de insteekplek van een PEG-sonde.
Je bent niet alleen in dit traject. Er is een heel team van professionals, zoals verpleegkundigen en diëtisten, die je precies kunnen begeleiden bij de thuiszorg en het gebruik van de apparatuur.
Veelgestelde vragen
hoe lang moet ik sonde voeding gebruiken?
Dat verschilt enorm per persoon en de reden waarom je het nodig hebt. Soms is het een paar weken om een operatie te overbruggen. Andere keren is het een langdurige ondersteuning voor jaren. Dit wordt altijd in overleg met de arts en diëtist bekeken en bijgesteld zodra het kan.
mag ik nog wel gewoon drinken?
Ja, in principe mag je nog steeds drinken via je mond, tenzij de arts anders adviseert. Water, thee of andere heldere dranken zijn vaak toegestaan. Je drinkt dan naast de sondevoeding. De diëtist kijkt naar de totale vochtbalans; de sondevoeding telt namelijk ook mee als vochtinname.
wat als de pomp kapotgaat?
Zorg dat je altijd een back-up of noodplan hebt. Vraag de thuiszorg of het ziekenhuis naar een reservepomp. Als de pomp onverhoopt stopt midden in een voeding, schakel dan zo snel mogelijk de hulpdienst in. Zonder pomp kun je vaak tijdelijk overschakelen op bolusvoeding met de spuit, maar bespreek dit eerst met je contactpersoon.
