Waarom zit er eigenlijk kleur in ons eten?
Denk eens aan een aardbeienyoghurt. Zonder toevoeging is die vaak vaalwit of lichtroze. Maar we verwachten van aardbeien dat ze knalrood zijn, toch? Ons oog wil wat. Kleur geeft ons een seintje over de smaak en de versheid. Een felgroene avocado voelt rijper aan dan een doffe. Of denk aan een lekker gebakken brood; de goudbruine korst belooft een goede smaak.
Door de jaren heen is er veel veranderd in hoe we eten maken. Industriële processen of langere houdbaarheid kunnen de natuurlijke kleur aantasten. Soms moet de kleur dus een beetje ‘geholpen’ worden. Soms is kleur puur voor de show, zoals die neonkleuren in energiedrankjes. Jouw vraag is waarschijnlijk: moet ik me zorgen maken over deze toevoegingen? Laten we de twee grote groepen eens uit elkaar halen: de natuurlijke kleuren en de synthetische kleuren.
Natuurlijke kleurstoffen: de basis
Veel fabrikanten kiezen voor natuurlijke kleurstof voor voeding. Dit zijn kleurstoffen die we uit planten, dieren of mineralen halen. Dit geeft mensen vaak een gerust gevoel. Ze zijn vaak afgeleid van iets wat je ook in je moestuin vindt. Dit zijn veilige opties, maar ze hebben soms een nadeel: ze zijn niet altijd even stabiel.
Plantaardige pigmenten en hun uitdagingen
Je kent vast de kracht van planten. Rode bieten geven een diepe rode kleur. Kurkuma, het gele specerij, geeft geel. Spinazie zorgt voor groen. Maar deze natuurlijke kleuren zijn soms een beetje kieskeurig.
• Lichtgevoeligheid: Het rode van rode bieten kan flets worden als het te lang in het licht staat. Denk aan de buitenkant van een pak sap dat al weken in de winkel ligt.
• pH-waarde: De zuurgraad van het product heeft invloed. Roodkool kan paars zijn in neutraal water, maar wordt rood bij toevoeging van zuur (zoals citroensap). In een basisch (alkalisch) product kan diezelfde kleurstof zelfs groen uitslaan. Dit maakt het een uitdaging voor een bakker die een stabiele kleur in zijn beslag wil.
• Hittebestendigheid: Sommige natuurlijke kleuren kunnen hun kleur verliezen tijdens het bakken of verhitten.
Fabrikanten die natuurlijke voedingskleurstoffen gebruiken, moeten hier dus flink mee puzzelen om de kleur mooi te houden in het eindproduct. Ze gebruiken vaak combinaties of extracten die beter tegen een stootje kunnen.
Synthetische kleurstoffen: de krachtpatsers
Dan zijn er de synthetische, ofwel kunstmatige, kleurstoffen. Deze worden in een laboratorium gemaakt. Ze zijn chemisch identiek aan natuurlijke stoffen, maar ze worden niet direct uit een plant gehaald. Het grote voordeel van deze stoffen is dat ze krachtig zijn en heel stabiel. Ze geven een heldere, voorspelbare kleur, ongeacht de temperatuur of zuurgraad van het product.
In Europa worden deze stoffen streng gecontroleerd. Voordat een stof op de markt komt, doorloopt deze jarenlange tests. De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) bepaalt de aanvaardbare dagelijkse inname (ADI). Dit is de hoeveelheid die je elke dag van je leven kunt consumeren zonder dat het schadelijk is.
VIDEO: Waarom worden er luizen voor roze koeken gebruikt?
De E-nummers: wat betekenen die eigenlijk?
Je komt ze tegen op de verpakking: de E-nummers. Dit is eigenlijk een Europese afkorting voor ‘goed bevonden toevoeging’. De ‘E’ staat voor Europa. Als je een stof met een E-nummer ziet, weet je dat deze goedgekeurd is voor gebruik in voedsel.
Veel synthetische kleurstoffen beginnen met een E1xx. Bijvoorbeeld E110 (Zonnegeel) of E133 (Briljantblauw). Je ziet ze vaak in snoep, frisdrank of bijvoorbeeld ijsjes.
Vaak is de angst voor E-nummers groter dan de werkelijkheid. Maar er is een kanttekening, vooral voor gevoelige personen.
De controverse: E-nummers en jouw reactie
Dit is waar veel ouders of bewuste consumenten zich zorgen om maken. Sommige synthetische kleurstoffen, met name de zogenaamde ‘azo-kleurstoffen’, worden in verband gebracht met hyperactiviteit bij een kleine groep kinderen. Dit is een belangrijk punt, en de wetgeving is hierop aangepast.
Sinds 2010 is er een Europese wet die zegt: als een product een mix van bepaalde synthetische kleurstoffen bevat (E102, E104, E110, E122, E124 en E129), moet er een waarschuwing op de verpakking staan. De tekst luidt dan: “Kan sporen van de volgende kleurstoffen bevatten die de activiteit of oplettendheid bij kinderen nadelig kunnen beïnvloeden.”
Wat betekent dit voor jou in de praktijk? Als je merkt dat jouw kind of jijzelf onrustig wordt na het eten van bepaalde felgekleurde snoepjes, kijk dan even naar die E-nummers, want meer informatie over kleurstoffen in voeding kan hierbij helpen. Merk je het niet? Dan hoef je je er geen zorgen over te maken, want voor de overgrote meerderheid van de bevolking zijn deze goedgekeurde stoffen veilig.
Het is een kwestie van persoonlijke reactie. Het is goed om te weten dat je zelf de controle hebt om deze stoffen te vermijden als je dat wenst.
Hoe kies je de beste kleur voor jouw doel?
Als je thuis bakt, of je eigen jam maakt, wil je misschien een bepaalde kleur bereiken zonder al te veel gedoe. Hoe pak je dat slim aan? Hier zijn wat praktische overwegingen:
• Wat ga je ermee doen? Ga je het product bakken of pasteuriseren? Kies dan voor stabiele, hittebestendige kleurstoffen. Denk aan natuurlijke wortelconcentraat of stabiele synthetische varianten als je echt zekerheid wilt over de kleur na het bakproces.
• Hoeveel wil je gebruiken? Natuurlijke kleurstoffen, zoals poeder van bietenwortel, zijn vaak minder intens. Je hebt er meer van nodig, wat de smaak van jouw eindproduct kan beïnvloeden. Een kleine hoeveelheid synthetische kleurstof is al genoeg om een diepe kleur te geven.
• Welk label wil je? Wil je absoluut ‘geen E-nummers’ op je lijst? Ga dan voor de natuurlijke extracten. Weet wel dat je dan vaak genoegen moet nemen met een iets minder felle kleur, of dat de kleur kan veranderen bij bewaren.
Een handige tip als je de natuurlijke weg kiest: gebruik poeders in plaats van vloeibare extracten als dat kan. Vloeistoffen voegen vocht toe, wat bij het maken van bijvoorbeeld glazuur of fondant de textuur kan veranderen. Poeders mengen beter zonder de verhoudingen van je recept te verstoren.
Gekleurde vetten versus gekleurd water
Een ander praktisch punt is de oplosbaarheid van de kleurstof. Dit is cruciaal voor het succes van je kleur. Net zoals bij gezonde voeding is het belangrijk te weten waar je ingrediënten hun kleur vandaan halen.
###
• Wateroplosbare kleurstoffen: Deze meng je gemakkelijk door dranken, gelei, waterijsjes of glazuur op basis van water. Veel natuurlijke kleurstoffen vallen hieronder.
• Vetoplosbare kleurstoffen: Deze heb je nodig als je iets kleurt dat grotendeels uit vet bestaat, zoals botercrème, chocolade of vetrijke vullingen. Een wateroplosbare kleurstof zal hierin klonteren of niet goed mengen.
Als je bijvoorbeeld een helderrode botercrème wilt maken, moet je specifiek op zoek naar een vetoplosbare kleurstof. Gebruik je een rode kleurstof voor waterbasis, dan krijg je strepen of vlekken in je crème. Dit is een veelgemaakte fout bij hobbybakkers.
Wanneer kies je voor een kleurstof met een lage dosering?
Er zijn kleurstoffen die je heel spaarzaam mag gebruiken omdat ze zo intens zijn. Denk aan de rode kleurstof uit karmijnzuur (E120), die uit luizen wordt gewonnen. Dit klinkt misschien vreemd, maar het is een oeroud, natuurlijk pigment dat een prachtige, diepe roodtint geeft. Het is een voorbeeld van een stof die heel effectief is in lage concentraties.
De overheid stelt limieten aan de maximale hoeveelheid die je per kilo product mag toevoegen. Dit is jouw vangnet. Als een fabrikant binnen die limieten blijft, is het product veilig bevonden, zelfs als je elke dag dat product zou eten. Dit is een geruststellende gedachte als je je afvraagt of die ene zak chips te veel kleur bevat.
Veelgestelde vragen
Is rood van rode bieten altijd veilig?
Ja, rode bietenextract is een natuurlijke bron en wordt over het algemeen als zeer veilig beschouwd. Het nadeel is dat het minder stabiel is onder invloed van hitte en licht, waardoor de kleur na verloop van tijd kan vervagen of veranderen.
Meer over dit onderwerp
Ga dieper in op Kleurstof voor voeding met deze informatieve selectie.
• Kleurstof kopen? Bestel direct! | Xenos
Wat is het verschil tussen kleurstof en kleurpasta?
Kleurstof is de algemene term voor de toevoeging. Kleurpasta’s of gelkleuren zijn sterk geconcentreerde vormen van kleurstoffen, vaak speciaal gemaakt voor het kleuren van vetten zoals marsepein of botercrème. Ze bevatten weinig tot geen vocht, waardoor de textuur van jouw beslag niet verandert.
Moet ik alle E-nummers vermijden?
Nee, dat hoeft zeker niet. Alle E-nummers zijn door de Europese voedselautoriteiten uitgebreid getest en goedgekeurd voor gebruik binnen vastgestelde limieten. Je kunt ze vermijden als je dat wilt, maar ze zijn niet inherent gevaarlijk voor de meeste mensen.
