Waarom verpakken we voedsel eigenlijk?
Voordat we de materialen induiken, is het goed om even stil te staan bij de basis. Waarom doen we dit allemaal? De belangrijkste reden is natuurlijk veiligheid. Een goede verpakking zorgt ervoor dat jouw eten niet direct in contact komt met bacteriën of vuil van buitenaf. Denk aan die zak chips. Zonder die verpakking zou de chips binnen een dag zompig en onsmakelijk zijn, of erger nog: bedorven raken door zuurstof en vocht.
Daarnaast speelt versheid een grote rol. Jouw appel, die je in de winkel koopt, moet nog een tijdje goed blijven. De verpakking helpt de kwaliteit te bewaren. Denk ook aan gemak. Het is veel makkelijker om een pak melk mee te nemen dan losse melk in een emmer. En laten we eerlijk zijn: een aantrekkelijke verpakking helpt ook mee bij de keuze in de winkel. Het moet er niet alleen veilig uitzien, het moet ook nog een beetje smakelijk ogen.
De basis: primaire, secundaire en tertiaire verpakkingen
De verpakking van voedsel is essentieel om de houdbaarheid en kwaliteit te garanderen, wat belangrijk is voor gezonde voeding. Als we het hebben over verpakkingsmateriaal voeding, zien we vaak drie niveaus. Het is goed om deze even te snappen, want ze hebben allemaal een andere functie:
• Primaire verpakking: Dit is de verpakking die direct contact maakt met het voedsel. Denk aan het plastic zakje om de broodjes, de folie om de kaas, of het glas van de jam. Dit materiaal moet voedselveilig zijn.
• Secundaire verpakking: Dit omhult de primaire verpakking. Het is er vaak voor de groepsvorming of extra bescherming. Denk aan het kartonnen doosje om de chocoladerepen heen, of de krimpfolie om een zes-pack bier.
• Tertiaire verpakking: Dit is de grote jongen. Dit zie je vooral als de producten van de fabriek naar het distributiecentrum gaan. Denk aan de grote plastic folie om een hele pallet met dozen. Dit gaat vaak over transport en efficiëntie.
De materialen: wat zit er allemaal om je eten heen?
Dit is vaak waar de verwarring begint. Overal zie je verschillende soorten materialen. Ze hebben allemaal hun eigen voor- en nadelen, vooral als het gaat om conservering en duurzaamheid. Laten we de meest voorkomende eens bekijken.
VIDEO: Wortelen Complete Verpakkingslijnen, JASA Packaging Solutions
Plastic: de veelzijdige alleskunner
Plastic is overal. Het is licht, goedkoop en je kunt er ontzettend veel vormen mee maken. Voor voedsel zijn er verschillende soorten plastic, vaak herkenbaar aan de kleine driehoek met een nummer erin. Dit nummer vertelt je om welk type plastic het gaat.
Waar je op moet letten bij plastic verpakkingen? Ten eerste de stevigheid en of het geschikt is voor de inhoud. Voor vloeistoffen heb je hardere PET-flessen nodig, terwijl je voor kaas of vlees vaak zachtere, flexibele folies gebruikt. Je twijfelt misschien of er stoffen uit het plastic in je eten kunnen lekken. Dat is terecht. De regels hierover zijn streng. Elk materiaal dat in contact komt met jouw eten moet aan strenge EU-regels voldoen. Dit betekent dat ze ‘inert’ moeten zijn; ze mogen geen schadelijke stoffen afgeven aan het voedsel. Als je bijvoorbeeld warme maaltijden in een plastic bakje in de oven zet, let dan goed op of het bakje ‘ovenbestendig’ is. Gebruik je het verkeerd, dan loop je risico op ongewenste stoffen.
Aanvullende informatie
Leer meer over Verpakkingsmateriaal voor voeding kopen bij uw specialist door deze selectie van links te verkennen.
• Nutrilon Nenatal 1 Specialist in medische voeding – Sorgente B.V.
• Leverancier van voedselverpakkingen voor professionals | Retif.be
Glas: de klassieker die altijd goed voelt
Glas is een fantastische keuze als het gaat om voedselveiligheid. Het is van nature een inert materiaal. Er komt letterlijk niets uit het glas in je mayonaise of je olijfolie. Het is ook perfect recyclebaar. Het grote nadeel is het gewicht en de breekbaarheid. Daarom zie je glas veel bij producten die lang houdbaar moeten zijn, zoals conserven of dranken.
Als je thuis een glas pot opent en je hoort een duidelijke ‘plop’, dan weet je dat de verpakking goed afgesloten was en de inhoud beschermd is tegen zuurstof. Dat is een geruststellend geluid.
Metaal: de onzichtbare beschermer
Denk aan de blikken van erwten of de aluminiumfolie om je lunch. Metaal, zoals blik (staal met een tinlaag) en aluminium, is fantastisch om voedsel lang houdbaar te maken. Het sluit luchtdicht af en blokkeert licht. Dit is cruciaal voor bijvoorbeeld groenten in blik. Ze kunnen jarenlang meegaan zonder koeling.
Aluminiumfolie wordt veel gebruikt om de laatste warmte vast te houden, bijvoorbeeld bij de barbecue of bij het inpakken van een restje ovenschotel. Het is licht en vormvast. Hoewel er soms zorgen zijn over het gebruik van aluminium met bijvoorbeeld zuren (zoals in tomatensaus), zijn de moderne blikvoeringen zo gemaakt dat dit in de meeste gevallen geen probleem vormt voor de gemiddelde consument die dit thuis gebruikt.
Papier en karton: de duurzame uitstraling
Dit materiaal komt vaak om de hoek kijken als we denken aan duurzaamheid. Karton is gemaakt van houtvezels en is goed te recyclen. Je ziet het overal: van eierdozen tot de verpakking voor bevroren pizza’s.
Maar hier zit een valkuil. Voedsel mag niet direct in onbehandeld karton zitten als het vet, vochtig of vettig is. Waarom? Het karton wordt zompig en kan scheuren. Daarom zie je vaak een dun laagje plastic of een speciale coating aan de binnenkant van een pizzadoos of de beker voor warme soep. Dit is een zogenaamde barrièrelaag. Het is een mix van materialen, wat het recyclen weer lastiger maakt. Als je dus een kartonnen verpakking ziet, kijk dan altijd even of er een binnenlaag is. Dat verklaart waarom je die soepbeker niet bij het gewone oud papier mag gooien.
Duurzaamheid en jouw keuzes
Je vraagt je waarschijnlijk af: wat is nu de ‘beste’ verpakking? Helaas bestaat dat ene perfecte antwoord niet. Het hangt volledig af van wat je wilt verpakken en hoe lang het houdbaar moet blijven. De keuze tussen een glazen pot en een plastic flesje is bijvoorbeeld een afweging tussen gewicht, transportkosten en de wens om het materiaal te hergebruiken.
Als je zelf thuis verpakt: waar let je op?
Veel mensen willen thuis de beste keuzes maken voor hun boodschappen, restjes, of zelfgemaakte lekkernijen. Hier zijn wat praktische punten voor jouw keuken:
• Hergebruik wat je hebt: Voordat je nieuwe bakjes koopt, kijk wat je al hebt. Heb je die stevige jamglazen? Die zijn perfect voor het inmaken van chutneys of het bewaren van noten.
• Check de herbruikbaarheid: Als je nieuwe plastic bakjes koopt, zoek dan naar de aanduiding dat ze ‘herbruikbaar’ zijn. Deze zijn vaak gemaakt van steviger plastic (zoals PP, nummer 5) en kunnen tegen een stootje en herhaald wassen.
• Houd rekening met temperatuur: Gebruik nooit plastic dat niet geschikt is voor de vriezer of de magnetron voor die doeleinden. Plastic dat bevriest kan bros worden en scheuren. Dat is zonde en onveilig.
• Pas op met vet en zuur: Als je iets vets of zuurs verpakt, vermijd dan dunne, onbekende folies. Glas of een afgesloten, stevig kunststof bakje werkt dan het beste.
• Kies voor bewaarverpakkingen: Als je iets lang wilt bewaren, zijn vacuümverpakkingen een goede optie. Ze halen de lucht weg, waardoor bacteriën minder kans krijgen. Dit is ideaal voor het invriezen van vlees of groenten, waardoor de kwaliteit veel langer behouden blijft.
Naast de juiste verpakking is het essentieel om te weten hoe je gezonde voeding klaarmaakt, zoals uitgelegd in onze lessen over gezonde voeding.
Het probleem met ‘gemengde’ verpakkingen
Je hebt vast weleens zo’n mooie, luxe chocoladereep gezien, ingepakt in een papieren buitenkant en een binnenkant van een dun, glimmend laagje folie. Dit is een veelvoorkomend probleem bij modern verpakkingsmateriaal voeding: de combinatie van materialen. Dit wordt vaak gedaan om de beste eigenschappen van beide te krijgen: de stevigheid van papier en de barrière-eigenschappen van plastic (of soms aluminium) tegen vocht.
Het lastige is dat deze materialen niet goed bij elkaar horen in de afvalstroom. De machines die plastic recyclen kunnen het papier niet scheiden, en andersom. Dit betekent dat vaak de hele verpakking bij het restafval belandt, ook al lijkt het op papier. Daarom is het altijd goed om te kijken of er duidelijke instructies op staan. Als het scheiden lastig is, is het vaak beter om het bij het restafval te doen, zodat het in ieder geval op de juiste manier wordt verbrand voor energie, dan dat het de recyclinglijn vervuilt.
Veelgestelde vragen
moet ik altijd het verschil weten tussen de soorten plastic?
Nee, je hoeft niet elke keer de nummers te onthouden. Het belangrijkste is dat je kijkt naar de functie. Is het een stevige fles? Dan is het vaak goed recyclebaar. Is het een heel dun, krakkemikkig bakje? Die horen vaak bij het restafval. Kijk vooral of de verpakking is ontworpen om herbruikt te worden.
is een papieren zak altijd beter voor de natuur?
Niet per se. Een papieren zak weegt meer en heeft vaak een plastic coating nodig om te voorkomen dat vet of vocht erdoorheen komt. Een dun plastic zakje weegt bijna niets en gebruikt minder materiaal in totaal. De beste keuze hangt af van de levenscyclus van het product: hoe lang moet het goed blijven en hoe wordt het verwerkt na gebruik?
mogen voedselverpakkingen in de vaatwasser?
Dat hangt echt af van het materiaal. Harde plastic bakjes met een recyclingcode 5 (PP) kunnen vaak wel tegen een stootje. Maar heel dunne folies of bakjes van bijvoorbeeld PVC (code 3) kun je beter met de hand wassen. Hoge hitte kan ervoor zorgen dat deze materialen vervormen of mogelijk stoffen lekken. Als er geen symbool op staat, kies dan voor de veilige weg en was het met de hand.
