Lifestyle

Makkelijke moestuin voeding: tips voor gezonde planten

Makkelijke moestuin voeding: tips voor gezonde planten
Foto: — · saporetti.nl

Waarom hebben planten eigenlijk voeding nodig?

Zie je tuin als een soort restaurant voor je planten. Ze kunnen niet zelf boodschappen gaan doen. Ze halen alles wat ze nodig hebben uit de grond. Als de grond uitgeput raakt, krijgen je planten honger. Dat is het moment waarop jij als kok in actie moet komen.

De basisbehoefte van elke plant draait om drie hoofdstoffen. Deze ken je misschien van de verpakkingen van meststoffen: stikstof, fosfor en kalium. Dit zijn de Grote Drie.

De Grote Drie: wat doen ze precies?

Elke plant heeft ze nodig, maar in verschillende mate, afhankelijk van wat je oogst. Denk hierbij aan de verschillende taken die ze uitvoeren:

• Stikstof (N): Dit is de kers op de taart voor de groene delen. Stikstof zorgt voor mooie, krachtige bladeren en een snelle groei. Als je veel bladgroenten kweekt, zoals sla of snijbiet, hebben ze veel stikstof nodig. Een tekort zie je vaak aan bleke, lichtgroene of zelfs gele bladeren.

• Fosfor (P): Fosfor is de motor voor de wortels en de bloei. Het helpt jonge plantjes om goed te wortelen en is cruciaal voor de vorming van bloemen en later vruchten. Zonder voldoende fosfor krijg je zwakke wortels en weinig oogst.

• Kalium (K): Dit is de weerstand. Kalium helpt je planten om goed tegen stress te kunnen, zoals droogte of ziekte. Het is essentieel voor de smaak en de stevigheid van de vruchten, zoals bij je tomaten en aardappels.

Voor een makkelijke moestuin voeding hoef je deze drie niet perfect te balanceren. Het is belangrijker dat je begrijpt wanneer je welke stof meer moet geven. Groeien (blad) vraagt om stikstof. Bloeien en vruchten zetten vraagt om fosfor en kalium.

De basis van makkelijke moestuin voeding: goede grond

Voordat je begint met bijvoeden, moet je de basis goed hebben. De beste meststof ter wereld helpt niet als de basis van jouw moestuin niet in orde is. Dit begint bij de bodemstructuur.

Jouw doel is ‘luchtige’ en ‘levende’ grond. Plantenwortels moeten makkelijk door de aarde kunnen ademen en groeien. Zware, dichte kleigrond houdt te veel water vast en verstikt de wortels. Te zanderige grond laat water en voedingsstoffen te snel weglopen. Wat je nodig hebt, is een mix met veel organisch materiaal.

VIDEO: In 9 stappen thuis je eigen groentes verbouwen

Compost: de universele basis

Als je maar één ding doet voor je makkelijke moestuin voeding, laat het dan dit zijn: gebruik compost. Compost is de gouden standaard. Het is verteerd plantaardig materiaal dat de structuur van de grond verbetert én langzaam voedingsstoffen afgeeft.

Wat betekent dit praktisch? Voordat je in het voorjaar gaat planten, werk je een flinke laag compost door de bovenste laag van je bedden. Je hoeft dit niet diep door te spitten; een paar centimeter door de bovenlaag mengen is vaak al genoeg. Compost zorgt voor een langzame, constante afgifte van voeding. Dit is ideaal, want je hoeft minder vaak bij te mesten.

Wanneer moet ik bijvoeden en wat gebruik ik dan?

De meeste planten hebben de voeding die je in het voorjaar met compost hebt ingebracht de eerste vier tot zes weken wel vol. Daarna wordt het tijd voor een extraatje. Vooral als je veel achter elkaar oogst, zoals bij sla, of als je planten veel energie steken in vruchten, zoals bij courgettes.

Meer over dit onderwerp

We hebben enkele topbronnen over Makkelijke moestuin voeding: tips voor gezonde planten voor je op een rijtje gezet.

Valkuilen en beginnersfouten moestuin | Makkelijke Moestuin

Salie – Makkelijke Moestuin

Organische mest: de makkelijke keuze

Als je het makkelijk wilt houden, kies je voor organische meststoffen. Dit zijn meststoffen die gemaakt zijn van natuurlijke bronnen, zoals dierlijke mest (vaak verwerkt en gedroogd) of plantaardige reststoffen. Het grote voordeel: ze werken langzaam en zijn minder snel te veel. Je loopt minder risico dat je planten ‘verbranden’ door te veel voeding.

Hier zijn een paar praktische, makkelijke opties die je in elk tuincentrum vindt:

• Gedroogde mestkorrels: Dit zijn vaak mengsels van bijvoorbeeld koemest of kippenmest. Je strooit ze rond de planten en werkt ze licht in. Regen of water geven activeert de werking. Ideaal voor je algemene moestuin voeding gedurende het seizoen.

• Wormenmest (Vermicompost): Dit is de crème de la crème van organische mest. Het is extreem rijk aan voedingsstoffen en bodemverbeteraars. Je kunt het zowel door de grond mengen als gebruiken als ‘topping’ rondom je planten. Het is zacht voor de wortels.

• Brandnetelgier (Zelfgemaakt): Wil je gratis en zeer krachtig bijvoeden? Brandnetelgier is perfect. Je weekt een kilo verse brandnetels in tien liter water. Na ongeveer twee weken sudderen, heb je een zeer stikstofrijke voeding. Let op: het stinkt enorm! Verdun deze gier wel altijd met water, ongeveer 1 deel gier op 10 delen water, voordat je het rond de planten giet. Dit is de beste stikstofboost voor je bladgroenten halverwege het seizoen.

Signalen van je planten lezen: zo weet je wat ze missen

Voordat je blindelings gaat bijmesten, kijk je eerst naar je planten. Ze vertellen je precies wat er mis is. Herken jij deze situaties?

De plant is bleek en groeit traag

Als je planten er flets uitzien en je ziet weinig nieuwe, donkergroene groei, is de kans groot dat ze een stikstoftekort hebben. Dit zie je vaak bij maïs, koolsoorten of je sla die al lang staat.

Wat doe je? Geef een lichte dosis organische mestkorrels (de stikstofrijke variant) of gebruik de verdunde brandnetelgier. Doe dit niet als het net geregend heeft, maar als de grond wat droog aanvoelt, zodat de meststof goed opgenomen kan worden.

De planten krijgen paarse of donkere gloed op de bladeren

Dit klinkt gek, maar een paarse of donkerrode gloed, vooral op de onderkant van de bladeren, wijst vaak op een probleem met fosfor. Dit komt soms voor bij jonge plantjes als de bodem te koud is, waardoor de wortels fosfor niet goed kunnen opnemen. Het kan ook wijzen op een echt tekort.

Wat doe je? Fosfor komt langzaam vrij. Eenmaal goed vastgelegd, is het meestal geen probleem meer. Je kunt eventueel wormenmest gebruiken, dat bevat veel fosfor. Zorg vooral dat je de grond niet te nat houdt in het vroege voorjaar.

Vruchten blijven klein of vallen af

Dit is typisch een kaliumprobleem. Je planten lijken verder prima, maar je tomaten worden niet groot, of de aardappels blijven klein. Ook bij een te zachte, waterige smaak van groenten kan kalium een rol spelen.

Wat doe je? Kalium is belangrijk tijdens de vruchtvorming. Gebruik een meststof die gericht is op vruchtgroenten (de NPK-verhouding heeft dan meer K). Houtas (van onbehandeld hout) is een geweldige bron van kalium, maar gebruik dit met mate, want het maakt de grond ook basisch.

Het gemak van voeding voor potten en bakken

Als je in bakken of potten tuiniert, is je situatie anders. Daar is de hoeveelheid grond beperkt. Voedingsstoffen spoelen veel sneller weg met regen en water geven. Dit is een situatie waar je écht actief moet bijvoeden.

Voor je makkelijke moestuin voeding in potten kun je het beste een combinatie gebruiken:

• Begin met een rijke potgrond, gemengd met compost.

• Voeg eventueel wat langzaam werkende organische korrels toe.

• Zodra de planten echt gaan groeien of vruchten geven, stap je over op vloeibare voeding.

Vloeibare voeding, bijvoorbeeld een biologische tomatenvoeding of een algemene groentevoeding, los je op in het gietwater. Dit werkt direct, wat ideaal is voor potten. Geef dit eens in de één of twee weken, afhankelijk van hoe dorstig je planten zijn. Dit is de snelste manier om te corrigeren als je ziet dat je planten het moeilijk krijgen.

Niet te veel is beter dan te veel

Dit is de belangrijkste les bij het voeden van je planten: wees voorzichtig. Vooral met stikstof kun je doorschieten. Te veel stikstof geeft je prachtige, grote, groene bladeren, maar nauwelijks bloemen of vruchten. De plant steekt al zijn energie in bladproductie. Je krijgt dan een ‘luie’ plant die veel energie kost, maar weinig oplevert.

Heb je eenmaal de basis compost gegeven en ga je bijmesten? Doe het dan liever met een te lage dosering dan een te hoge. Kijk een week naar je planten na het bijvoeden. Zie je verbetering? Dan zit je goed. Zie je geen verandering, of worden de bladeren donkergroen en glimmend (een teken van te veel stikstof)? Wacht dan een week of twee voordat je nog iets doet. De grond heeft tijd nodig om de voedingsstoffen vrij te geven.

Veelgestelde vragen

moet ik elke plant apart bemesten?

Nee, dat hoeft echt niet. Als je begint met een goede basis van compost in je bedden, geef je de meeste planten een prima start. Je hoeft alleen de echte ‘hongerige’ eters, zoals tomaten, courgettes en kool, halverwege het seizoen extra te ondersteunen met een organische meststof.

is gewone mest van de dierenwinkel goed?

Ja, vaak wel, mits het een organisch product is. Veel mestkorrels zijn al lang bewerkt en bevatten een gebalanceerde mix van de Grote Drie. Kijk wel goed naar de verpakking. Zoek je voeding voor bladgroenten, kies dan een product met een hoog stikstofpercentage (het eerste getal op de NPK-verhouding).

wat doe ik als het lang droog is geweest?

Als het lang droog is, is de opname van voeding lastig. Voordat je gaat bijmesten, geef je de planten eerst goed water. Laat de grond even opnemen. Als de grond vochtig is, dan pas geef je je meststof. De meststof moet namelijk opgelost zijn in water om door de wortels opgenomen te kunnen worden.

Ontdek alle artikelen

Blader door alle onderwerpen en lees de volledige verzameling artikelen op één plek.

Alle artikelen