Dementie en eten: meer dan alleen het bord
Als je met iemand met dementie te maken hebt, merk je al snel dat de dagelijkse routine verandert. Dit geldt ook voor eten en drinken. Het kan zijn dat de interesse in eten afneemt. Of misschien eet iemand juist veel meer dan voorheen, wat ook weer vragen oproept. Het is belangrijk om te begrijpen waarom deze veranderingen optreden. De dementie tast namelijk niet alleen het geheugen aan, maar ook de zintuigen en de manier waarop de hersenen informatie verwerken.
Waarom verandert de eetlust bij dementie?
Er zijn verschillende redenen waarom de eetgewoonten van iemand met dementie plotseling kunnen afwijken van hoe het vroeger was. Herken je dit bijvoorbeeld: je naaste eet ineens heel weinig, of juist heel veel? Dit heeft vaak te maken met een paar dingen:
• Vergeten: Iemand vergeet misschien simpelweg dat hij of zij net gegeten heeft. Dan kan het lijken alsof er de hele dag gegeten moet worden.
• Zintuiglijke verandaties: De smaak, geur of het zien van eten verandert. Soms lijken kleuren minder helder, of ruiken gerechten anders. Dit kan afstoten.
• Problemen met slikken of kauwen: In latere stadia kunnen slikproblemen ontstaan. Je merkt dan dat iemand bijvoorbeeld veel hoest na het eten of voedsel in de wang verstopt.
• Verwarring: Een drukke eetsituatie met veel geluid kan overweldigend zijn. Het lukt dan niet meer om zich te concentreren op het eten zelf.
Het is cruciaal om deze oorzaken te herkennen, want dan kun je de omgeving aanpassen. Je wilt dat eten een prettige, veilige activiteit blijft. Dit is de eerste stap in het omgaan met dementie voeding.
Praktische tips voor dagelijkse voeding bij dementie
Je wilt het beste voor je naaste. Maar wat is nu praktisch in de keuken en aan tafel? Denk klein, stap voor stap. Focus niet op perfecte maaltijden, maar op wat erin gaat en het plezier dat eraan beleefd wordt.
De maaltijdstructuur aanpassen
Soms zijn drie grote maaltijden te veel, of te lang achter elkaar. Probeer eens wat vaker kleine porties aan te bieden. Dit is vaak makkelijker te behappen, letterlijk en figuurlijk.
Denk eens aan deze aanpassingen:
• Vaker en kleiner: Bied zes of zeven keer per dag iets aan, in plaats van drie keer. Een klein broodje, een handje druiven, een soepje.
• Maak het makkelijk: Geef eten dat je makkelijk met de hand kunt pakken. Stukjes kaas, fruit, of blokjes gekookte aardappel. Bestek kan soms een belemmering worden als de fijne motoriek minder wordt.
• Geen afleiding: Zet de televisie uit tijdens het eten. Zorg voor een rustige omgeving. Zo kan alle aandacht naar het eten gaan.
• Temperatuurcheck: Let goed op de temperatuur van het eten. Te heet eten kan pijn doen en koud eten vinden mensen minder aantrekkelijk. Meestal is lauwwarm ideaal.
Omgaan met gewichtsverlies en ondervoeding
Gewichtsverlies is een veelvoorkomende zorg bij dementie. Als iemand minder eetlust heeft, is het belangrijk om de voeding zo calorierijk mogelijk te maken, zonder dat de porties enorm groot worden. Dit noemen we de zogenaamde ‘energieverrijking’.
Hoe verrijk je voeding zonder dat het een strijd wordt? Hier zijn wat concrete ideeën om meer voedingsstoffen binnen te krijgen:
• Doe een schepje poedermelk door de pap of de yoghurt. Je proeft het nauwelijks, maar het levert eiwitten en calorieën.
• Vervang water of thee door een beker vla, drinkyoghurt of een smoothie als tussendoortje.
• Smeer brood royaal met pindakaas of roomboter. Voeg eventueel wat jam toe voor de smaak.
• Gebruik room in plaats van melk in de aardappelpuree of de soep.
Twijfel je of iemand genoeg binnenkrijgt? Schakel dan altijd het consultatiebureau of de huisarts in. Zij kunnen je helpen met specifieke voedingssupplementen als dat nodig is. Dit is maatwerk en daarvoor heb je professionele hulp nodig. Voor meer informatie over gezonde voeding, ook in specifieke situaties, kun je terecht bij tips voor gezonde voeding.
Aandacht voor drinken: het vergeten aspect
We praten veel over eten, maar drinken is minstens zo belangrijk. Mensen met dementie merken vaak niet dat ze dorst hebben. Dit kan snel leiden tot uitdroging, wat weer kan zorgen voor verwarring en sufheid. Je moet dus proactief zijn met het aanbieden van vocht.
Hoe zorg je voor voldoende vochtinname?
Het gaat hier om het verlagen van de drempel. Een groot glas water kan soms te veel lijken. Bied liever kleine beetjes aan, maar wel regelmatig. Adequate vochtinname is essentieel, net zoals het belang van energierijke voeding voor vitale jaren.
• Zet altijd een beker of glas binnen handbereik. Zorg dat het glas niet te groot is.
• Combineer drinken met eten. Geef bij het brood een half glaasje melk.
• Varieer in drankjes. Niet iedereen wil water. Bied eens een slokje appelsap, een dunne bouillon, of een verdunde frisdrank aan.
• Let op de signalen: droge lippen, donkere urine, of juist heel weinig plassen, zijn tekenen dat er te weinig gedronken wordt.
Een goede truc is om ‘eetmomenten’ om te dopen tot ‘eet-en-drinkmomenten’. Zet de routine in je hoofd: bij het ontbijt, na het ontbijt, voor de lunch, etc. Zo vergeet je het niet.
Omgaan met gedragsveranderingen aan tafel
Soms wordt eten een bron van spanning. Je merkt dat je naaste dwars gaat liggen. “Ik heb al gegeten!” hoor je dan, terwijl het bord onaangeroerd blijft. Of juist het omgekeerde: honger, honger, honger. Hoe ga je hier rustig mee om?
Herkennen van verwarring
Als iemand met dementie zegt dat hij of zij al gegeten heeft, is dat vaak geen streek. Het is de waarheid in hun beleving. Hun kortetermijngeheugen laat hen in de steek. Argumenteren heeft geen zin; dat leidt alleen maar tot frustratie bij jullie beiden.
Wat kun je dan wel doen?
• Valideer het gevoel, verander de actie: Zeg iets als: “Ah, je hebt al gegeten, dat klinkt goed! Maar kijk eens, dit is een klein hapje dat je energie geeft voor de middag.”
• Bied een ander soort voeding aan: Misschien is de stamppot te ingewikkeld nu, maar een boterham met kaas gaat wel naar binnen. Bied iets anders aan. Soms is de textuur of de kleur het probleem.
• Kijk naar de tijd: Als het twee uur na de lunch is, is het misschien tijd voor een tussendoortje, ook al denken ze zelf dat ze net gegeten hebben.
Het is ook goed om te weten dat door de dementie de waarneming van tijd kan vervagen. Het kan zijn dat ze denken dat het ochtend is, terwijl het avondeten is. Wees flexibel met de tijden, zolang het voedingspatroon maar op orde blijft.
Wanneer schakel je hulp in?
Je doet ontzettend veel zelf. Je observeert, je bereidt voor, je troost. Maar soms loop je tegen grenzen aan, en dat is volkomen normaal. Het is een teken van goed zorgen dat je weet wanneer je iemand anders erbij moet halen.
Denk aan professionele hulp als:
• Het gewichtsverlies zorgwekkend wordt en je met verrijking niet voldoende calorieën binnenkrijgt.
• Je merkt dat slikken echt moeite kost en je bang bent voor verslikking.
• De situatie aan tafel chronisch stressvol wordt en het eten een vechtpartij wordt.
De diëtist kan je helpen met een concreet voedingsplan, specifiek gericht op de behoeften van iemand met dementie. De thuiszorg of een wijkverpleegkundige kan ondersteuning bieden bij het voeden zelf, zodat je even de regie kunt loslaten en er voor je naaste kunt zijn in plaats van alleen maar de verzorger te zijn.
Veelgestelde vragen
Hoeveel moet iemand met dementie eten?
Er is geen vast recept voor de hoeveelheid. Focus liever op de kwaliteit en de regelmaat van het aanbieden. Kijk naar de signalen van je naaste: is de energie er nog, is er gewichtsverlies? Houd contact met de huisarts als je je echt zorgen maakt over de inname.
Is het erg als ze veel snoepen?
Als iemand met dementie veel behoefte heeft aan snelle suikers, zoals koekjes of snoep, is dat in eerste instantie minder erg dan helemaal niets eten. Het levert energie. Probeer wel de gezonde opties aantrekkelijker te maken, bijvoorbeeld door fruit op een mooie manier aan te bieden.
Moet ik blijven stimuleren om te eten?
Ja, stimuleren is belangrijk, maar dwingen is funest. Blijf het rustig aanbieden, eventueel in andere vormen of op andere momenten. Als het echt niet lukt, neem dan even afstand en probeer het twintig minuten later opnieuw. Druk zetten werkt zelden positief bij dementie.
