Voeding

Cellulose in voeding: Wat is het en wat doet het?

Cellulose in voeding: Wat is het en wat doet het?
Foto: — · saporetti.nl

Wat is cellulose eigenlijk?

Laten we met de basis beginnen. Cellulose klinkt misschien als een ingewikkeld scheikundeterm. Eigenlijk is het heel normaal. Cellulose is de meest voorkomende organische stof op aarde. Het is het hoofdbestanddeel van de celwanden van planten. Denk maar aan hout, katoen, of de stevige structuur van een stuk broccoli of een appel. Het is de ‘ruggengraat’ van de plant.

Wanneer we het hebben over cellulose in ons eten, bedoelen we meestal een vorm die we verwerken of zuiveren. Het is een soort vezel. En vezels, die ken je vast al. Die zijn belangrijk voor een gezonde stoelgang en een verzadigd gevoel. Maar er is een belangrijk verschil tussen de vezels die je van nature eet – zoals de vezels in volkorenbrood of een banaan – en de cellulose die als additief (toevoeging) wordt gebruikt in bewerkte voedingsmiddelen.

Cellulose als voedingsvezel: waarom stoppen ze het in mijn eten?

Je vraagt je misschien af waarom fabrikanten een plantenbestanddeel aan hun producten toevoegen. Cellulose wordt om verschillende redenen ingezet in de voedingsindustrie. Het is een multifunctioneel ingrediënt. Het is goedkoop, het heeft geen smaak en het heeft veel structuurgevende eigenschappen.

De belangrijkste functies van toegevoegde cellulose in voeding zijn:

• Bindmiddel: Het helpt ingrediënten bij elkaar te houden. Denk aan geraspte kaas die niet aan elkaar plakt in de verpakking. Cellulose voorkomt dat de kaasklontjes vormt.

• Stabilisator: Het zorgt ervoor dat de structuur van een product stabiel blijft, bijvoorbeeld in vloeibare producten of smeersels. Het voorkomt dat water en vet uit elkaar gaan drijven.

• Verdikkingsmiddel: Het geeft een product meer ‘body’ en mondgevoel. Dit is handig in bijvoorbeeld magere yoghurt of light-mayonaise waar anders te weinig vet aanwezig is voor een volle smaakervaring.

• Verlagen van calorieën: Omdat cellulose zelf niet door ons lichaam wordt verteerd, kan het soms een deel van de suikers of vetten vervangen. Dit verlaagt de energiedichtheid van het product.

Kortom, cellulose helpt producten er beter uit te zien, beter te voelen en langer houdbaar te blijven. Het is een soort onzichtbare bouwvakker in je koelkast.

Welke vormen van cellulose kom je tegen op het etiket?

Als je de ingrediëntenlijst van een kant-en-klaar product bekijkt, zie je zelden alleen het woord ‘cellulose’ staan. Het wordt vaak aangeduid met E-nummers of specifieke namen die de verwerkte vorm aangeven. Dit kan voor verwarring zorgen. Als je weet waar je op moet letten, herken je ze makkelijker. Dit helpt je bij het maken van bewuste keuzes, bijvoorbeeld als je op zoek bent naar minder bewerkte opties.

E-nummers en de verschillende soorten

Cellulose zelf valt onder de E-nummers E460 tot en met E468. Dit is een hele familie van stoffen die allemaal uit plantaardig materiaal worden gewonnen, maar net iets anders zijn bewerkt:

• E460 (Cellulose): Dit is pure, onbewerkte of minimaal bewerkte cellulose. Je vindt het vaak in poedervorm. Het wordt gebruikt om de textuur te verbeteren.

• E461 (Methylcellulose): Dit is een variant waarbij de cellulose chemisch is aangepast. Het heeft de unieke eigenschap dat het bij verhitting juist steviger wordt, in plaats van vloeibaar. Handig voor vegetarische burgers die hun vorm moeten behouden tijdens het bakken.

• E463 (Carboxymethylcellulose of CMC): Dit is een sterke verdikker. Dit zie je vaak in ijs, sauzen, of zelfs tandpasta. Het bindt water heel goed.

• E464 (Hydroxypropylmethylcellulose of HPMC): Dit is een veelzijdige stof die je tegenkomt in bakproducten en als omhulsel voor medicijnen. Het is een uitstekende stabilisator.

Het is dus niet één stof, maar een hele reeks varianten. Ze komen allemaal voort uit de natuur, maar de mate van bewerking verschilt. Als jij je zorgen maakt over de hoeveelheid bewerking in jouw voeding, is het goed om deze nummers te herkennen.

Is het veilig? Jouw zorgen over toevoegingen

Dit is vaak de kern van de vraag: “Als het niet natuurlijk is, is het dan wel goed voor mij?” Veel mensen voelen onrust bij het idee van bewerkte toevoegingen. Dat is heel begrijpelijk. Je wilt gewoon gezonde, pure voeding eten.

Het goede nieuws is dat de meeste vormen van cellulose die in Europa als voedingsadditief zijn toegelaten, door de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) uitvoerig zijn getest en als veilig worden beschouwd. Ze hebben een ‘aanvaardbare dagelijkse inname’ (ADI) gekregen, wat betekent dat je er dagelijks een bepaalde hoeveelheid van kunt eten zonder gezondheidsrisico’s.

Omdat cellulose een vezel is, wordt het nauwelijks opgenomen in je darmen. Het passeert grotendeels je systeem en draagt zo bij aan de totale vezelinname. Dit is positief voor je spijsvertering.

VIDEO: Do They Actually Put Sawdust In Your Food? Here"s The Truth

Wanneer kan cellulose voor klachten zorgen?

Hoewel cellulose over het algemeen veilig is, zijn er situaties waarin je er last van kunt hebben. Dit heeft zelden te maken met toxiciteit, maar meer met de hoeveelheid vezels in één keer.

Als je plotseling heel veel producten eet die veel toegevoegde cellulose bevatten (denk aan veel ‘light’ producten of vleesvervangers), kan je darmflora even moeten wennen. Je kunt dan last krijgen van:

• Een opgeblazen gevoel.

• Gasvorming.

• Soms wat buikkrampen.

Dit zijn klassieke tekenen van te veel onoplosbare vezels in korte tijd. Als je dit herkent na het eten van een bepaalde maaltijd, probeer dan even terug te gaan naar de basisvoeding en bouw het langzaam weer op. Je lichaam geeft je dan een seintje dat het even pauze nodig heeft van die specifieke stof. Lees voor meer tips voor gezonde darmen dankzij voeding de gerelateerde post.

Hoe eet je genoeg vezels zonder de E-nummers?

Het mooie van cellulose is dat je het niet per se hoeft te mijden door het in additieven te zoeken. Je kunt de voordelen van cellulose, namelijk de vezels, veel makkelijker direct uit natuurlijke bronnen halen. Dit geeft vaak een beter en completer voedingsprofiel dan wanneer je het uit een bewerkt product haalt.

Als je je richt op volwaardige voeding, krijg je voldoende cellulose binnen. Je hoeft dan niet bang te zijn voor die E-nummers, omdat je lichaam de vezels in hun natuurlijke, onbewerkte vorm krijgt.

Probeer de volgende stappen om je natuurlijke vezelinname te verhogen:

• Kies volkoren: Vervang witbrood, witte pasta en witte rijst door de volkoren varianten. Hier zit de hele plantencelwand nog in, inclusief veel natuurlijke cellulose.

• Eet de schil: Eet de schil van je aardappelen, appels, peren en komkommers. Daar zitten veel vezels. Was ze goed, maar schillen is zonde van de structuur.

• Groenten bij elke maaltijd: Zorg dat je bij lunch en avondeten een flinke portie groenten eet. Rauwkost, gestoomd, of in een salade; het maakt niet uit.

• Peulvruchten zijn toppers: Linzen, bonen en kikkererwten zijn fantastische bronnen van voedingsvezels. Voeg ze toe aan soepen of maak er een salade van.

• Noten en zaden: Een handje amandelen of wat lijnzaad door je yoghurt geeft een flinke boost aan de vezels en gezonde vetten.

Door deze keuzes te maken, zorg je ervoor dat je darmen hun werk goed kunnen doen, zonder dat je je zorgen hoeft te maken over de bewerking of de toegevoegde stoffen in de supermarkt.

Wanneer is het oké om voor het gemak te kiezen?

Laten we eerlijk zijn: we hebben allemaal weleens een drukke dag. Dan grijp je misschien naar een kant-en-klare maaltijd of een pakje geraspte kaas. Is dat dan een ramp omdat er E460 in zit? Absoluut niet.

Het gaat om de balans en de frequentie. Als 90% van je dieet bestaat uit onbewerkte, verse producten, dan is die 10% gemaksvoedsel met cellulose geen enkel probleem. Je lichaam is veerkrachtig. Die kleine hoeveelheid cellulose of de stabilisator die je binnenkrijgt, zal je niet schaden als de basis van je voeding goed is.

Raak niet in paniek als je een ingrediëntenlijst ziet. Zie het als informatie. Als je merkt dat je producten kiest met heel veel verschillende E-nummers en weinig herkenbare ingrediënten, dan is dat een signaal om eens kritisch te kijken naar je eetpatroon. Maar als je af en toe een product pakt dat simpelweg wat beter bij elkaar gehouden moet worden met een beetje plantaardige vezel, geniet er dan rustig van. Het is onderdeel van het moderne voedselaanbod.

Veelgestelde vragen

zijn alle E-nummers van cellulose slecht?

Nee, absoluut niet. Cellulose en de meeste varianten (zoals E460) zijn vezels die van nature in planten voorkomen. Ze zijn door de autoriteiten getest en veilig bevonden. Ze dragen bij aan de structuur en textuur van producten en vaak ook aan je vezelinname. Meer informatie over vezelrijke voeding vind je hier.

Interessante websites

Hier zijn enkele informatieve links speciaal over Cellulose in voeding: Wat is het en wat doet het?.

Zijn cellulosevezels veilig om te eten? – aHealthylife.nl

kan ik een allergie hebben voor cellulose?

Een echte allergie voor pure cellulose is extreem zeldzaam. Wat wel vaak gebeurt, is dat mensen gevoelig reageren op de grote hoeveelheid vezels in een keer, wat leidt tot darmklachten zoals een opgeblazen gevoel. Dit is eerder een overbelasting dan een allergie.

moet ik producten met methylcellulose vermijden?

Nee, dat hoeft niet. Methylcellulose (E461) is een bewerkte vorm van de plantenvezel. Het is veilig bevonden voor consumptie. Als je echter zo min mogelijk bewerkte toevoegingen wilt, kun je beter kiezen voor producten waar de vezels uit hele groenten of volkorenproducten komen.

Ontdek alle artikelen

Blader door alle onderwerpen en lees de volledige verzameling artikelen op één plek.

Alle artikelen