Dieet & advies

Btw voeding

Btw voeding
Foto: — · saporetti.nl

De basis: waarom is er btw op voeding?

Voordat we in de details duiken, is het goed om even stil te staan bij wat btw eigenlijk is. Btw staat voor belasting over de toegevoegde waarde. Het is een indirecte verbruiksbelasting. Kort gezegd: de overheid heft belasting over bijna alles wat je koopt en verkoopt. Dit is anders dan bijvoorbeeld inkomstenbelasting, die je betaalt over wat je verdient. Bij btw betaal je het als je iets consumeert. Dit is de basisregel.

Echter, de overheid heeft besloten dat sommige zaken zo essentieel zijn voor jouw basisbestaan, dat ze daar minder of geen belasting over willen heffen. Voeding valt hier grotendeels onder. Denk aan de noodzaak om te eten en drinken. Daarom is de regeling rondom btw op voedingsmiddelen zo bijzonder en soms verwarrend. Er is een lage btw-tarief en er is het nultarief. Dat lage tarief is vaak 9% op dit moment. Het algemene tarief is 21%. Het verschil bepaalt hoeveel jij betaalt, of hoeveel je als ondernemer moet afdragen.

Wanneer betaal je 21% btw op voeding?

Dit is vaak het punt waar mensen de kriebels krijgen. Je zou denken: eten is eten, toch? Helaas, de Belastingdienst maakt hier een duidelijk onderscheid. De regel is simpel, maar de uitvoering is soms lastig: alles wat je consumeert op het moment van aankoop, betaal je 21% btw over. Dit noemen we ‘spijzen en dranken voor directe consumptie’.

Denk eens aan een terrasje. Je bestelt een kop koffie en een croissantje. Je zit daar, je praat, je geniet. Je eet en drinkt ter plekke. Dat is levering op locatie. De koffie, de thee, de frisdrank, de alcoholische dranken – die vallen bijna altijd onder het hoge tarief van 21%. Zelfs als je een broodje bestelt bij een bakker en je eet het daar op de bankjes op, dan is het 21% btw. Het gaat dus om de context: direct consumeren op de plek van verkoop.

Dit geldt ook voor veel kant-en-klare maaltijden die je bij een afhaalrestaurant koopt. Als je een warme hap meeneemt om thuis op te eten, val je vaak nog onder die 21% regel, zeker als het warm wordt geserveerd. Denk aan de bezorgmaaltijd van vanavond. Die frietjes en de kroket vallen onder het hoge tarief.

De verwarring bij dranken: alcohol en frisdrank

Vooral dranken zorgen voor veel discussie. Alcoholische dranken, zoals bier en wijn, zijn altijd belast met 21% btw, ongeacht waar je ze koopt of opeet. Dat is een duidelijke lijn. Maar hoe zit het met die blikjes frisdrank? Als je die in de supermarkt koopt om thuis op te drinken, valt het onder het lage tarief (9%). Koop je diezelfde blikjes op het terras, dan is het 21%. Zie je het verschil? De locatie en het moment van consumptie zijn cruciaal bij dranken.

Wanneer geldt het lage btw-tarief van 9% voor voeding?

Dit is de categorie waar de meest alledaagse boodschappen onder vallen. Het lage tarief is bedoeld voor ‘voedingsmiddelen die bedoeld zijn om thuis te consumeren’. Dit is de basis voor jouw wekelijkse boodschappen. De overheid wil dat basisvoedsel betaalbaar blijft.

Wat valt hier concreet onder? Denk aan:

• Brood en banketbakkerswaren (tenzij ze ter plekke worden gegeten).

• Groenten en fruit, vers of verpakt.

• Vlees, vis, eieren en zuivelproducten.

• Eetbare oliën en vetten.

• Water en frisdranken die je in de winkel koopt.

• Suiker, zout en specerijen.

Als jij in de supermarkt staat en je vult je kar met deze basisproducten, dan betaal je het lage btw-tarief. De leverancier van de supermarkt heeft deze btw al afgedragen, en de supermarkt rekent dit zo aan jou door. Heel helder dus voor de gemiddelde consument.

De grijze zone: bereiding en bewerking

Nu wordt het interessant, en hier ontstaat vaak de twijfel bij jou als koper, of als je zelf eten verkoopt. Wanneer is een voedingsmiddel nog ‘basisvoeding’ en wanneer wordt het een ‘bereiding’ waar 21% btw op gaat? De grens ligt bij de mate van bewerking. Hoe meer je eraan hebt gedaan om het direct eetbaar te maken, hoe groter de kans op 21% btw.

Stel, je koopt een zak sperziebonen. Die moeten nog gekookt worden. Lage btw (9%). Maar koop je een bakje kant-en-klare, gekookte sperziebonen met een sausje eroverheen, die je alleen nog maar hoeft op te warmen? Dan is de kans groot dat de Belastingdienst dit ziet als een bereiding en dat hier 21% btw over geheven moet worden. Het is namelijk minder werk voor jou. De service zit in de bereiding.

Kijk maar eens naar kant-en-klare maaltijden in de supermarkt. Een diepvriespizza heeft vaak 9% btw. Maar een versgemaakte lasagne uit het koelvak, die zo de oven in kan, heeft vaak al 21% btw. Dit komt doordat de bereidingshandeling al is uitgevoerd door de producent.

Wat betekent dit voor jouw onderneming?

Als je zelf voedsel verkoopt, moet je deze regels heel nauwkeurig volgen. Foutief btw-tarief rekenen kan je duur komen te staan bij een controle. Je moet goed nadenken over jouw specifieke producten.

De bakker en de lunchroom: een case study

Je bent een bakker. Je verkoopt een heel brood. Dat is 9% btw. Maar diezelfde bakker verkoopt ook belegde broodjes. Dat is een compleet andere situatie.

Voor inspiratie over gezonde recepten die je kunt aanbieden in je lunchroom, kijk je op onze pagina met voedingsdieet en gezonde recepten voor elk doel.

• Brood zonder beleg: Valt onder het lage tarief (9%). Dit is een basisvoedingsmiddel.

• Broodje met kaas of ham: Dit is een bereiding. Als de klant het broodje ter plekke opeet, is het 21% btw. Als de klant het broodje meeneemt voor later, is het nog steeds 21% btw, omdat het al een bereid product is dat klaar is voor consumptie.

• Koffie en thee: Altijd 21% btw, tenzij het om een speciale kruidenthee gaat die als geneesmiddel wordt gezien (wat zelden voorkomt in de horeca).

Dit betekent dat je in je kassasysteem twee verschillende btw-tarieven moet kunnen verwerken. Je BTW-aangifte wordt hierdoor complexer. Zorg dat je de inkoopfacturen goed scheidt. De boter die je koopt voor op de broodjes (9% btw) mag je anders verwerken dan de inkoop van de 21% btw-kaas die je gebruikt als vulling.

Catering en levering op locatie

Als je catering verzorgt, wordt het vaak een optelsom. Wat lever je? Zijn het complete maaltijden die warm worden afgeleverd? Dan gaat het vaak om 21% btw. Maar lever je alleen de koude ingrediënten, zoals een schaal met groenten en een schaal met vlees, en de klant maakt het zelf af? Dan kan het 9% zijn, mits het nog niet als een direct te consumeren maaltijd wordt gezien.

De stelregel bij catering is: als de levering inclusief de voorbereiding en presentatie is gericht op het onmiddellijk nuttigen van de maaltijd, reken je 21%. Dit is service en gemak. De overheid belast dit gemak hoger.

Wat als ik twijfel over een product?

Dat is heel normaal. De grens tussen een basisvoedingsmiddel en een bereiding is soms dun. Er zijn talloze voorbeelden waarbij ondernemers de Belastingdienst hebben gevraagd om duidelijkheid.

Wat kun je doen als je twijfelt? Kijk altijd naar de primaire functie van het product op het moment van aankoop. Ben je een winkelier? Vraag jezelf af: “Kan mijn klant dit product direct en zonder verdere bereiding opeten?”

Als je bijvoorbeeld een kant-en-klaar pastasalade koopt, is die bedoeld om direct te eten, dus waarschijnlijk 21%. Koop je een zakje ongekookte rijst? Dat is 9% btw. Dit lijkt simpel, maar soms is de verpakking verwarrend. Staat er bijvoorbeeld ‘voor directe consumptie’ op, dan is dat een sterke aanwijzing voor het hoge tarief.

Heb je echt grote twijfel over een nieuw product dat je wilt verkopen? Dan is het verstandig om vooraf contact op te nemen met de Belastingdienst of een boekhouder te raadplegen die ervaring heeft met btw-classificatie. Beter een keer te veel vragen dan later problemen krijgen.

Btw en de regeling voor kleine ondernemers

Ben je een kleine ondernemer en valt jouw jaaromzet onder een bepaalde grens? Dan val je misschien onder de Kleineondernemersregeling (KOR). Dit is een regeling die je kan vrijstellen van het afdragen van btw. Dit maakt het een stuk eenvoudiger voor je administratie. Overweeg je ook om gezonder te gaan eten, bekijk dan onze tips voor dieet en voeding.

###

Als je onder de KOR valt, hoef je geen btw op jouw verkochte producten te vermelden op de factuur en je hoeft ook geen btw-aangifte te doen. Dit geldt dus ook voor de btw op voeding. Je betaalt wel btw over je inkopen, maar je mag dit niet aftrekken van de btw die je normaal zou moeten afdragen. Je kunt dan in feite zeggen dat je btw-neutraal bent voor je klanten, maar je houdt de btw op je inkopen als kosten.

Dit is een enorme verlichting, zeker als je net begint met een kleine horecazaak of een marktkraam. Je moet wel goed berekenen of de voordelen van de KOR opwegen tegen het nadeel dat je de btw op je dure inkoop, zoals apparatuur of grote hoeveelheden ingrediënten, niet terugkrijgt. Voor de verkoop van basisvoeding (9%) kan de KOR erg aantrekkelijk zijn, omdat je die 9% dan ook niet hoeft af te dragen aan de overheid.

Veelgestelde vragen

moet ik altijd 21% btw rekenen in mijn lunchroom?

Nee, dat hangt af van wat je verkoopt. Frisdrank en alcohol betaal je 21% btw over. Eten dat je ter plekke nuttigt, telt ook als 21% btw. Maar denk aan een heel brood dat je meeneemt; dat kan 9% zijn. Je moet de tarieven dus splitsen in je kassasysteem.

wat is het btw-tarief voor water uit de kraan?

Als je water uit de kraan drinkt in je eigen huis, betaal je hier geen btw over, want dit valt onder de levering van basisvoorzieningen. Als ondernemer die water inkoopt voor een horecagelegenheid, valt de inkoop van leidingwater onder de 21% btw, omdat het onderdeel is van de service die je levert.

zijn diepvriesmaaltijden altijd 9% btw?

Niet altijd, maar meestal wel. De meeste diepvriesproducten die je als consument koopt, vallen onder het lage tarief van 9%. Dit komt omdat ze nog bereid moeten worden door de consument thuis, wat ze dichter bij basisvoeding brengt. Let wel op: als het product warm wordt geleverd door de leverancier, kan de btw toch 21% zijn.

Ontdek alle artikelen

Blader door alle onderwerpen en lees de volledige verzameling artikelen op één plek.

Alle artikelen