Dieet & advies

Alliantie voeding in de zorg

Alliantie voeding in de zorg
Foto: — · saporetti.nl

Wat is de alliantie voeding in de zorg eigenlijk?

Het klinkt misschien als een ingewikkeld, bureaucratisch woord. Toch is de kern heel eenvoudig. Een alliantie op het gebied van voeding in de zorg betekent dat verschillende partijen samenwerken. Ze trekken gezamenlijk op om de kwaliteit van de voeding en voedingszorg te verbeteren.

Denk hierbij aan een keten. Normaal gesproken zijn er veel schakels: de diëtist, de kok, de verpleegkundige, de leverancier van het eten, de beleidsmakers in het ziekenhuis of verpleeghuis, en natuurlijk de cliënt of patiënt zelf. Als die schakels niet goed op elkaar zijn afgestemd, gaat er van alles mis. De een weet niet wat de ander doet. De maaltijd die op het bord ligt, sluit dan niet goed aan bij de medische situatie van de cliënt.

De alliantie probeert deze schakels te verbinden. Het gaat om het creëren van een gezamenlijk doel en het delen van kennis. Het doel is altijd: betere zorg door betere voeding.

Waarom is zo’n samenwerking nodig?

Misschien vraag je je af waarom dit niet gewoon vanzelfsprekend is. Voeding is toch iets alledaags? In de zorg is het dat niet altijd. Er zijn veel uitdagingen. We zien vaak dat voedingsthema’s onderbelicht blijven in de hectiek van de dag.

Herken je dit? Een cliënt met slikproblemen (dysfagie) krijgt toch iets te eten wat te vast is. Of iemand heeft veel energie nodig door een wond of ziekte, maar de porties zijn klein en smakeloos. Dit gebeurt vaak door gebrek aan communicatie of doordat de processen niet goed zijn ingericht.

De alliantie voeding pakt deze knelpunten aan. Ze kijken naar het grote plaatje. Dit betekent bijvoorbeeld dat de diëtist niet alleen een dieetadvies geeft, maar dat dit advies ook daadwerkelijk vertaald wordt naar de keuken en de presentatie op het bord. Het gaat om de hele voedingsreis van de patiënt.

De pijlers van een succesvolle voedingsalliantie

Als we het hebben over een effectieve samenwerking rondom voeding in de zorg, dan zien we een aantal duidelijke gebieden waar gewerkt wordt. Deze gebieden zijn cruciaal om de voeding op de juiste plek te krijgen, op het juiste moment.

1. Duidelijke afspraken en protocollen

Zonder duidelijke afspraken blijft het bij intenties. Dit is het meest praktische deel van de alliantie. Hoe zorgen we ervoor dat een dieetvoorschrift niet ergens in een dossier blijft liggen?

Denk aan situaties zoals:

• Hoe snel wordt een nieuw voedingsadvies doorgegeven van de arts naar de verpleging?

• Wie controleert of de juiste verrijking van het eten ook echt is toegevoegd?

• Wat is het protocol als iemand weigert te eten?

De alliantie zorgt ervoor dat deze stappen helder zijn. Ze maken stroomschema’s. Zo weet iedereen wat zijn rol is en wanneer hij of zij actie moet ondernemen. Dit helpt enorm bij het voorkomen van fouten bij de voedseltoediening.

2. Educatie en gedeelde kennis

Niet iedereen is expert op het gebied van voeding. De verpleegkundige is druk met wondzorg en medicatie. De kok richt zich op de bereiding. De diëtist ziet de cliënt misschien maar kort.

Een alliantie stimuleert trainingen en kennisdeling. Hierdoor krijgt bijvoorbeeld het keukenpersoneel meer inzicht in wat een eiwitrijk dieet precies inhoudt, niet alleen in de cijfers, maar ook in de smaak en textuur. En de zorgmedewerker leert beter signaleren wanneer een cliënt ondervoed dreigt te raken. Het is een tweerichtingsverkeer.

3. De rol van de cliënt en diens naasten

Voeding is persoonlijk. Wat de één heerlijk vindt, vindt de ander vies. Je vraagt je misschien af: “Wordt mijn voorkeur wel gehoord in dit grotere systeem?” Absoluut, en dat is een belangrijk onderdeel van de alliantie.

Een goede samenwerking zorgt ervoor dat de wensen van de cliënt centraal staan, naast de medische noodzaak. Dit betekent bijvoorbeeld dat er gekeken wordt naar alternatieven als iemand bepaalde vaste ingrediënten niet lust. Het gaat erom dat eten een feestje blijft, ook in het ziekenhuis of verpleeghuis. De alliantie stimuleert feedbackmechanismen. Eet een cliënt structureel zijn avondeten niet op? Dan moet er sneller geschakeld worden dan wanneer het eenmalig is.

Praktische veranderingen die je kunt merken

Als deze alliantie goed werkt, zie je dat niet alleen op papier, maar ook op jouw bord. Wat merk je daarvan in de praktijk? Laten we eens kijken naar een aantal concrete voorbeelden van hoe een betere voedingszorg eruitziet.

Verbetering in de maaltijdbestelling

Voorheen moest je misschien een standaard dieet selecteren. Nu zie je meer maatwerk. Als je bijvoorbeeld diabetespatiënt bent, maar ook moeite hebt met kauwen, dan wordt dat in de bestelling meegenomen. Het systeem faciliteert dat de kok een aangepaste, maar nog steeds smakelijke, optie kan maken.

Een belangrijk aandachtspunt hierbij is de ’tussendoortjes’. Veel zorginstellingen kampen met ondervoeding omdat de hoofdmaaltijden te zwaar zijn of niet lekker. De alliantie zet vaak in op betere tussentijdse voeding. Denk aan een versgebakken broodje in de middag, of een eiwitrijke smoothie als er tussen de maaltijden door gesnackt moet worden. Dit is niet luxe; dit is noodzakelijke ondersteuning om de energiebalans op peil te houden.

Snellere signalering van gewichtsverlies

Een van de grootste zorgen is ongewenst gewichtsverlies. Als een cliënt gewicht verliest, kan de ziekte verergeren of het herstel vertragen. In een goed functionerende alliantie zijn er vaste afspraken over wegen en meten. Het is niet aan de verpleegkundige om dit elke dag te doen, maar er is een vast moment in de week of maand.

Wat gebeurt er als gewichtsverlies wordt geconstateerd? Door de samenwerking tussen de zorgprofessional, de diëtist en de keuken, wordt er direct geschakeld. De diëtist komt sneller langs. De keuken past de maaltijden aan met extra vetten, eiwitten of speciale drinkvoeding. Je merkt dat er sneller een actieplan ligt.

Samenhang in de zorgketen

Dit is cruciaal bij overplaatsingen. Als een patiënt van het ziekenhuis naar een revalidatiecentrum gaat, of van een instelling naar thuiszorg, gaat er vaak informatie verloren. De alliantie zorgt voor een soort ‘voedingspaspoort’ of een duidelijke overdrachtslijst.

Jij wilt weten: wat at deze persoon de afgelopen week? Wat vond hij lekker? Wat zijn de allergieën? Een goede samenwerking regelt dat deze informatie mee reist. Hierdoor hoeft de cliënt niet elke keer opnieuw zijn hele voedingsgeschiedenis te vertellen. Dit voorkomt frustratie en garandeert continuïteit in de zorg.

Hoe herken je een instelling met een sterke voedingsalliantie?

Je kunt zelf ook observeren hoe het met de voedingszorg in een instelling zit. Het is geen kwestie van ‘goed of fout’, maar van de mate waarin men de samenwerking heeft geformaliseerd. Hier zijn een paar dingen waar je op kunt letten:

• Etenstijd als moment van aandacht: Wordt eten gehaast geserveerd, of is er tijd om samen te eten? Is er begeleiding bij het eten als dat nodig is? Dit wijst op het belang dat men hecht aan de gehele voedingsbeleving.

• Keuzevrijheid en dagmenu’s: Zie je op het menu opties die verder gaan dan drie vaste gerechten? Als er flexibiliteit is om keuzes te maken, duidt dit op een goede afstemming tussen de keuken en de zorginhoudelijke afdeling.

• Zichtbaarheid van de diëtist: Wordt de diëtist alleen ingeschakeld als het al heel laat is, of speelt deze een actieve, preventieve rol in het multidisciplinaire team?

• Gehoor voor klachten: Als je een opmerking maakt over te zoute soep of te koude aardappelen, wordt hier dan concreet iets mee gedaan? Een instelling die luistert naar feedback van cliënten en familie bouwt aan een betere alliantie.

Het is belangrijk om te onthouden dat het invoeren van zo’n samenwerking tijd kost. Het is een proces van continu verbeteren. Soms zijn er tijden dat het minder goed loopt, bijvoorbeeld door personeelstekorten. Dat is menselijk. De kracht van de alliantie zit hem erin dat men dan weet hoe ze de lijntjes weer snel kort kunnen trekken om de voeding op orde te krijgen.

Veelgestelde vragen

wat is ondervoeding in de zorg?

Ondervoeding betekent dat je lichaam niet genoeg voedingsstoffen, zoals eiwitten en calorieën, binnenkrijgt om gezond te blijven. Dit komt vaak voor bij ouderen of zieke mensen en kan leiden tot zwakte, langzamer herstel en meer kans op infecties.

wie is er verantwoordelijk voor de voeding?

De verantwoordelijkheid ligt bij iedereen in de keten. De arts bepaalt de medische behoefte, de diëtist stelt het plan op, de keuken bereidt het en de zorgmedewerker zorgt voor de correcte toediening en observatie. De alliantie zorgt dat deze rollen duidelijk zijn.

kan ik zelf invloed uitoefenen op de voeding?

Ja, jouw feedback is ontzettend belangrijk. Geef duidelijk aan wat je wel en niet lust, of als je merkt dat een cliënt moeite heeft met eten. Door dit te melden bij de juiste persoon, help je mee om de voedingsprocessen binnen de instelling te verbeteren. Een dieet aangepast aan individuele behoeften kan al veel verschil maken in het dagelijks welzijn, ontdek meer over de mogelijkheden van medische voeding voor een beter leven en hoe Sorgente voeding jouw bron van energie en vitaliteit kan zijn.

###

Ontdek alle artikelen

Blader door alle onderwerpen en lees de volledige verzameling artikelen op één plek.

Alle artikelen